
De wet van 18 december 2025 heeft het belangrijkste belastingkrediet voor ondernemers met een eenmanszaak of vrij beroep verdubbeld. Maar er zijn meer kredieten die voor veel belastingplichtigen automatisch worden berekend en cash worden terugbetaald als de personenbelasting onvoldoende is om ze te verrekenen.
In deze blogpost overlopen we de drie federale belastingkredieten voor aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025).
1. Belastingkrediet voor de aangroei van eigen middelen
Dit is het meest impactvolle nieuws voor zelfstandigen. Dit krediet werd met ingang van aanslagjaar 2026 verdubbeld.
Voor wie? Natuurlijke personen die winsten of baten behalen: handelaars, ambachtslieden, vrije beroepen, zelfstandigen in hoofd- en bijberoep, ook zij die onder een forfaitair stelsel vallen.
Hoe werkt het? Het krediet wordt berekend op de positieve aangroei van het eigen vermogen. Dat eigen vermogen is het verschil tussen:
- de fiscale waarde van de vaste activa (art. 41 WIB 92);
- de langetermijnschulden (looptijd langer dan 1 jaar) verbonden aan de beroepsactiviteit.
Het relevante verschil wordt berekend tussen het saldo op het einde van inkomstenjaar 2025 en het hoogste saldo bereikt op het einde van één van de drie vorige belastbare tijdperken.
De verdubbeling in cijfers:
| Parameter | Vóór AJ 2026 | Vanaf AJ 2026 |
|---|---|---|
| Tarief | 10% | 20% |
| Maximum belastingkrediet | €3.750 | €7.500 |
| Terugbetaalbaar | Ja | Ja |
Concreet voorbeeld: een zelfstandige waarvan het eigen vermogen met €30.000 aangroeide ten opzichte van het hoogste saldo van de vorige drie jaar, heeft recht op 20% × €30.000 = €6.000 belastingkrediet. Dat bedrag wordt volledig verrekend met de verschuldigde personenbelasting, en het overschot wordt cash terugbetaald.
Wat moet je praktisch doen? Voeg bij de aangifte van aanslagjaar 2026 het volgende toe:
- ingevulde, gedateerde en ondertekende opgave 276 J;
- een attest van je sociale verzekeringskas waaruit blijkt dat je bijdragen in orde zijn.
2. Fiscale werkbonus
Voor wie? Werknemers met een laag loon. De werkbonus is een vermindering op de persoonlijke RSZ-bijdragen. Het aanvullende belastingkrediet zet een percentage van die RSZ-vermindering om in een fiscaal voordeel.
Bedragen aanslagjaar 2026:
| Luik | Percentage | Doelgroep |
|---|---|---|
| Luik A — gewone lage lonen | 33,14% | Brede groep lage lonen |
| Luik B — zeer lage lonen | 52,54% | Laagste loonschijf |
| Maximum totaal (AJ 2026) | €765 |
Dit krediet is terugbetaalbaar en wordt automatisch berekend door de fiscus op basis van de RSZ-gegevens. Je hoeft hier niets extra voor in te dienen.
3. Belastingkrediet voor lage activiteitsinkomsten
Voor wie? Belastingplichtigen — werknemers, zelfstandigen én bedrijfsleiders — met een relatief laag netto-activiteitsinkomen (bezoldigingen, winsten, baten).
Maximale bedragen aanslagjaar 2026:
| Categorie | Maximum |
|---|---|
| Bezoldigingen (algemeen) | €880 |
| Bezoldigingen meewerkende echtgenoot | €400 |
| Bezoldigingen statutair overheidspersoneel | €970 |
Hoe wordt het berekend? Het krediet bouwt op en weer af naargelang het inkomen:
- Opbouw tussen €6.550 en €8.740: het krediet stijgt geleidelijk tot het maximum
- Plateau tussen €8.740 en €21.860: volledig krediet
- Afbouw tussen €21.860 en €28.420: het krediet daalt geleidelijk naar nul
- Boven €28.420: geen krediet meer
Ook dit krediet is terugbetaalbaar en wordt automatisch berekend.
Overzicht: drie kredieten voor AJ 2026
| Krediet | Doelgroep | Maximum | Automatisch? |
|---|---|---|---|
| Aangroei eigen middelen (art. 289bis) | Zelfstandigen — winsten/baten | €7.500 | Nee — opgave 276 J vereist |
| Fiscale werkbonus (art. 289ter) | Werknemers — laag loon | €765 | Ja |
| Lage activiteitsinkomsten (art. 289ter/1) | Alle belastingplichtigen — laag activiteitsinkomen | €880 | Ja |
Wat moet je concreet doen?
Voor de fiscale werkbonus en het krediet voor lage activiteitsinkomsten is er geen actie vereist. De fiscus berekent beide kredieten automatisch op basis van je aangifte- en RSZ-gegevens.
Voor het belastingkrediet voor de aangroei van eigen middelen is actie wél nodig. Als je als zelfstandige het afgelopen jaar meer middelen in je zaak hebt gelaten dan opgenomen, loont het de moeite om na te gaan of je recht hebt op dit krediet. De opgave 276 J moet tijdig worden ingediend samen met de aangifte in de personenbelasting.
Twijfel je of je in aanmerking komt, of wil je de berekening laten maken? Neem dan gerust contact met ons op.
Veelgestelde vragen
Het maximale belastingkrediet voor de aangroei van eigen middelen bedraagt €7.500 voor aanslagjaar 2026. Dat is een verdubbeling ten opzichte van de vorige regeling.
Dat hangt af van het type krediet. De fiscale werkbonus en het krediet voor lage activiteitsinkomsten worden automatisch berekend. Het krediet voor de aangroei van eigen middelen moet je zelf aanvragen via opgave 276 J.
Ja. Zowel zelfstandigen in hoofdberoep als in bijberoep komen in aanmerking voor het belastingkrediet voor de aangroei van eigen middelen, ook zij die forfaitair belast worden.